Vrouw die naast een grafkist staat

Welke keuzes moet je maken bij het regelen van een uitvaart?

Kirsten Van Praet

Kirsten Van Praet |

4 min. leestijd |

Uitvaart

Bij het regelen van een uitvaart moeten er heel wat knopen doorgehakt worden. Kies je voor begrafenis of crematie? Welke kist en grafsteen neem je? Hoe organiseer je de rouwplechtigheid? We begeleiden je door alle opties.

1. De wilbeschikking

Het eerste waarbij je rekening moet houden bij het regelen van de uitvaart is of de overledene een ‘laatste wilsbeschikking’ heeft achtergelaten. Dit is een verklaring waarin de overledene zijn laatste wensen, bijvoorbeeld een voorkeur voor crematie, heeft overhandigd aan zijn gemeente, aan zijn familie of aan zijn verzekeringsmaatschappij. Zonder wilsbeschikking beslist de naaste familie hoe de overledene moet worden begraven.

Lees ook: 9 instanties die je moet verwittigen als iemand overlijdt

    2. De begrafenis: drie opties

    Als de keuze is gevallen op een begrafenis, dan krijg je nog drie opties om de kist te begraven.

    a. Teraardebestelling in niet-vergunde (gemeenschappelijke) grond
    Een dierbare begraven in gemeenschappelijke grond heeft als voordeel dat het gratis is. Een nadeel is wel dat in dat geval de grond meestal slechts voor vrij korte duur beschikbaar blijft. Een paar jaar na de begrafenis (meestal 5 tot 7 jaar) heeft de gemeente het recht om de grond te hergebruiken voor de begrafenis van iemand anders.

    2. Teraardebestelling in vergunde grond (concessie volle grond)
    Deze formule is niet gratis, maar geeft je wel het recht om de concessie (=vergunning) te behouden. De duur verschilt van gemeente tot gemeente (tussen 10 en 20 jaar, of zelfs langer), op voorwaarde dat je het graf onderhoudt. Een ander voordeel van vergunde grond is dat er één of meerdere leden van eenzelfde familie kunnen worden begraven. Op die manier kan een echtpaar zijn laatste rustplaats in eenzelfde graf vinden.

    3. Bijzetting in een grafkelder
    Een grafkelder is de duurste optie. Het gaat om een betonkuip voor één of meerdere kisten. Soms kan hij rechtstreeks door de begrafenisondernemer worden geleverd. Grafkelders worden meestal voor de leden van eenzelfde familie gebruikt. In principe is het de oorspronkelijke koper van de concessie die bepaalt voor wie de kelder bestemd is. De prijs hangt af van de grootte van de kelder en dus van het grondoppervlak van het grafmonument. Ook hier verschilt de duur van de concessie van gemeente tot gemeente. De familie moet het graf hoe dan ook onderhouden, anders verliest ze de concessie.

    3. Crematie

    Crematie (of verassing) is de voorbije jaren sterk ingeburgerd geraakt. Daarbij wordt het stoffelijk overschot in de lijkkist verbrand, waarna de as in een urne wordt gedaan. Crematie vereist in de regel een kist in licht hout. De overledene moet in lichte kleding met natuurlijke stoffen zijn opgebaard. Bovendien mag er geen enkel voorwerp in de kist worden gelegd.

    Je hebt voor crematie drie opties binnen de begraafplaats. Je kan de urne laten bijzetten in nissen, je kan de as verstrooien op een strooiweide of je kan de urne in vergunde grond of in een grafkelder laten begraven.

    Je hebt ook drie opties buiten de begraafplaats. Je kan de as verstrooien in de Belgische territoriale zee. Je kan daarvoor bij het gemeentebestuur van Oostende terecht, maar ook de begrafenisondernemer kan daarvoor zorgen. Je kan de as verstrooien op een privéterrein, bijvoorbeeld in je tuin. Of je kan de urne bewaren buiten de begraafplaats, bijvoorbeeld bij je thuis op de schouw.

    Urne met as van de overledene

    4. Keuze van de kist en grafsteen

    Er bestaan kisten in verschillende materialen. Bij een begrafenis in volle grond of crematie wordt een houten kist gebruikt, bij bijzetting in een grafkelder zijn hermetische materialen nodig (polyester, metaal of hout en zink, afhankelijk van het gemeentereglement dat voor de begraafplaats in kwestie geldt).

    De grafsteen (of het grafmonument) komt bovenop de plaats waar de overledene is begraven. Daarop worden de naam en de geboorte- en sterfdata van de overledene gegraveerd. Er bestaan verschillende soorten grafstenen.

    5. Keuze van de begraafplaats

    Begrafenissen hebben meestal plaats in de gemeente waar de overledene was gedomicilieerd. Maar je kan ook voor een begraafplaats in een andere gemeente kiezen, bijvoorbeeld als de rest van de familie er begraven ligt of als de overledene er een deel van zijn leven heeft doorgebracht. Wel is daarvoor de toestemming van de gemeente van de begraafplaats vereist, en in sommige gevallen moet je een aanvullende belasting betalen.

    6. Doodsbrieven en/of rouwadvertentie

    Je kan familie, vrienden en kennissen op twee manieren op de hoogte brengen van het overlijden: via een doodsbrief (rouwbrief) en via een rouwadvertentie (overlijdensbericht in één of meerdere kranten). De laatste optie is ook beschikbaar online. Je kan ook beiden doen. Op die manier vergeet je zeker niemand te verwittigen, maar daar hangt uiteraard een hogere kostprijs aan.

    Maak voor het versturen van rouwbrieven een lijst op van de kennissen van de overledene, zodat je niemand vergeet en laat je daarbij zo nodig door uw omgeving helpen.

    Je begrafenisondernemer zal je helpen met de rouwadvertentie en/of de doodsbrief. Hij beschikt over verschillende modellen die je kan personaliseren. Ook kan hij contact opnemen met de kranten om een rouwadvertentie te plaatsen.

    7. De rouwplechtigheid

    De begrafenisondernemer helpt je de rouwplechtigheid voor te bereiden, ongeacht je geloofsovertuiging. Eventueel kan hij contact opnemen met de kerkelijke verantwoordelijken en in overleg met het gemeentebestuur een dag en een tijdstip vastleggen. Je kan uiteraard ook een vrijzinnige plechtigheid organiseren. Die vindt meestal plaats in een speciaal daarvoor bestemde zaal van het funerarium, maar voor een verassing kan dat ook in het crematorium. De nabestaanden kunnen op verschillende manieren aan de plechtigheid meewerken. Ze kunnen bijvoorbeeld het woord nemen, een tekst voorlezen of naar muziek luisteren.

    Na de plechtigheid kan je bij je thuis of elders een koffietafel of rouwmaaltijd organiseren, bijvoorbeeld in het parochiehuis, in een zaal van het funerarium of in een restaurant vlakbij de kerk. Ook hier kan de begrafenisondernemer je bijstaan.

    Vrouw die de uitvaart voorbereidt

    8. Bidprentjes

    Na de begrafenis kan je ook bid- of nagedachtenisprentjes sturen naar de mensen die je hun medeleven hebben betuigd. Zo'n prentje bevat de naam van de overledene, zijn geboorte- en sterfdatum en een foto of illustratie. Ook hier kan de begrafenisondernemer je verschillende modellen voorstellen.

    Nieuwsgierig naar een uitvaartverzekering?

    Bereken online je prijs

    Vragen of hulp nodig? We helpen je graag verder